Moskou
en Sint-Petersburg (4)
Vanaf
de hoge Kropotinskaja-kade spiegelt zich de Christus Verlosserkathedraal in het
water van de Moskva, het zonlicht poetst de gouden koepels nog eens extra op.
De monumentale kerk staat dicht bij het Kremlin. De geschiedenis van deze
Russisch orthodoxe kerk is bizar. Was de kerk tussen 1839 en 1880 gebouwd ter
ere van de overwinning van Rusland op Napoleon, in 1931 werd de kathedraal op
bevel van Stalin opgeblazen. Enkele priesters, die weigerden hun heilige plek
te verlaten, werden meegenomen in stof en puin. Het communistische staatshoofd
wilde op de vrijgekomen plek het Nieuwe Paleis van de Sovjets laten bouwen. Het
bouwwerk zou 415 meter hoog moeten worden. Waar Stalin geen rekening mee had
gehouden was het doorsijpelende water van de Moskva, waardoor het onmogelijk
was hier een gebouw van deze afmetingen te bouwen. Het project werd in 1953
definitief afgeblazen door Nikita
Chroesjtsjov. Op de fundering werd een zwembad gebouwd; het werd het grootste
openluchtzwembad ter wereld. Maar na de val van het communisme kwam de religie
weer in beeld en Boris Jeltsin verleende in 1990 toestemming tot de bouw van
een nieuwe kathedraal naar het oude ontwerp. Het zwembad verdween en na tien
jaar bouwen kon de huidige Christus Verlosserkathedraal in 2000 worden geopend.
Over de kosten, 360 miljoen dollar, was het nodige te doen.
Wat
is er mooier dan op deze zondagmorgen een dienst in deze Christa
Spasitelja-kathedraal bij te wonen? Het is even zoeken naar passende kleding,
bij gebrek aan een shawl drapeer ik een dunne blouse rond mijn hoofd.
Mensen
lopen naar binnen, anderen verlaten de kerk. Dat kan in de Russisch-orthodoxe
rite, een dienst hoeft niet te worden uitgezeten. Mijn rugtas gaat door de scan
en net als ik de kerk wil ingaan is er even dat kleine niet te benoemen moment
van oogcontact. Ik sta stil en zeg: ‘Helmich?’ Voor mij staat de grondlegger
van het Ikonenmuseum in Kampen. ‘Dat doen nu ikonen’, zegt hij geroerd en ik
begrijp wat hij bedoelt. Ook zijn zoon, ikonendeskundige, en de directeur van
het museum zijn aanwezig ter voorbereiding van een bijzondere expositie in
september 2011 vanwege het eerste museumlustrum. Stil worden in de kerk, een
plek zoeken tussen de staande gelovigen, de geur van wierook opsnuiven, het koor
horen, de rituelen herkennen. Door op mijn tenen te gaan staan zie ik nog net
een glimp van de priester. Muurschilderingen van bijbelse scènes en
hoogtepunten uit de Russische geschiedenis rond het kroonvormige tabernakel, de
kerk baadt in een zee van bladgoud. De eerbied van de gelovigen raakt diep.
Een
overvol programma deze dag. Voor ik het besef sta ik in een winkel tussen
tientallen matroesjka’s met een glaasje wodka in de hand. Moeiteloos gaat het
goedje in één teug naar binnen. Warm van buiten èn warm van binnen gaan we op
weg naar het Kremlin.
Buiten
vallen de eerste druppels, nog net op tijd bereiken we de Kathedraal van de
Aartsengel Michaël (1508). Een minder uitbundig interieur. Hier vonden de
begrafenissen van vorsten en tsaren plaats. Onder een uit wit steen gekerfde
luifel ligt de vermoorde tsarenzoon Dmitri.
De
tijd dringt, er wordt op ons gewacht. Hollend over het verlaten
Kathedralenplein snel ik naar een droog onderkomen. Regen vanuit de hemel,
regen opspattend van de tegels, samengedrukt schuilen onder een afdakje. Alle
heiligheid is verdwenen…