Overbrugd

Overbrugd

woensdag 19 augustus 2026

Vanmorgen was ik gauw klaar met de krant: allemaal ellende. Toen de oorlogen begonnen in Oekraïne en Gaza volgde ik elk bericht, las ik elke letter. Ik heb de moed verloren, Poetin, Trump en Netanyahu rotzooien er op los, aantal doden worden genoemd alsof het over vliegen gaat. Over Soedan heb ik het nog niet eens gehad. Je houdt de ogen niet droog bij al die beelden. Ik voel me machteloos en probeer op gezette tijden te ontsnappen. Gewoon het foto archief induiken en even wegdromen. Het tilt me naar een andere wereld. Zo kwam ik deze foto tegen. Wat een heerlijk plaatje. De kippen hier zijn van achterbuurman Toon. Ze zijn er niet meer. Evenals de bruggetjes. Toon verkocht de grond aan de linker zijde op de foto en sloopte eerst het verst verwijderde bruggetje. De brede planken brug waar de kippen op zitten, is inmiddels ook gesloopt. Toon en de nieuwe eigenaar van het linker perceel kunnen niet met elkaar. De nieuwe buurman begon met slopen aan zijn kant, Toon sloopte aan de andere kant. En ik mag op het restant kijken. Oorlog in het klein. Maar toch... Gelukkige tijden op dat winterse moment met die rij kippen. Hoort het bij ons mensen, altijd op de hoede, altijd gereed om eigen goed te verdedigen? Als alle mensen zouden proberen wat aardiger tegen elkaar te zijn, elkaar iets te gunnen, elkaar te helpen waar nodig, zou dat niet een heel andere wereld opleveren? Het leven is kort, voor velen akelig kort, is dan wat zorg voor die ander zo ingewikkeld? Vanmorgen was ik gastvrouw op de begraafplaats. Het was rustig, maar hij was er weer. Die breedgeschouderde bezoeker, zo verdrietig, maar ook zo dapper hoe hij met het verlies van zijn lieve Trijntje omgaat. Altijd staat hij klaar om anderen te helpen, zonder gezeur. Een blanke pit in een ruwe bolster. Maar door anderen te helpen, ervaart hij dankbaarheid en ogen die weer wat oplichten. Het doet hem goed. Zo ook doet het mij goed om gewoon eens door de foto's te spitten van voorbije rustiger jaren. Dan kan het zijn dat er een zachte lach over je gezicht glijdt en dat even alle narigheid van dichtbij en ver verbleekt...

  


 


 

donderdag 13 augustus 2026

Als een kind zo blij: ik vond ze terug dierbare sneeuwfoto's. De warmte is tergend en op zoek naar winterplaatjes kwam ik deze foto's tegen. Verkoeling! Gewoon maar wat kijken en je wordt heel langzaam in de winterkou opgenomen. Die fijne woonboerderij aan dat knusse weggetje. Waar kippen ongehinderd rondkuierden, waar ieder met ieder overweg kon en het meeleven met elkaar groot was. 'Trek er bij in', raadde mijn broer in dat andere werelddeel toen hij en mijn schoonzus daar op de koffie waren. Maar ja, dat dorp aan de IJssel, gelegen tegenover dat stadje aan de andere zijde was mij ook dierbaar. Het bleef bij logeer weekenden, maar wat waren ze goed, ja meer dan goed. Daar moest ik ook aan denken bij het zien van de beelden. Ik realiseerde me dat we te gauw geluk vergeten en dat het goed is om te 'herkauwen'. Gewoon even wegdromen. Dat kan zelfs nu bij die warmte, bij die onrustige wereld, bij die... Ach bij zoveel andere momenten waar het geluk ver weg lijkt. Vergeten wij mensen niet te snel achter ons liggende gelukkige gebeurtenissen en draven we niet door bij de waan van de dag? Zen meditatie leert hele andere dingen. Het is zeker niet zweverig, het is de tijd nemen voor ogenschijnlijk onbelangrijke gebeurtenissen, die langzaam kunnen veranderen in belangrijk, in kostbaar. In momenten van: niet vergeten. Zo ontdekte ik het als vijfjarige kleuter, toen ik met mijn liefste vriendinnetje hand in hand met de juf over het kikkerpaadje liep in het plantsoen van Hasselt. Mijn vriendin kijkt nu vanaf een wolkje naar hier, maar ik koester nog altijd onze lange vriendschap, die toen begon op het kleuterschooltje. Terug naar de sneeuwfoto's, terug naar de genadeloze warmte en de zeer ernstige droogte. Die vele tuinders, boeren en schippers fataal zal worden. Trotse, eeuwenoude beuken, ze zijn al bezig hun bladervracht met droevig geritsel te verliezen. Heel langzaam lijkt het leven in hun weg te trekken. En ook ander geboomte moet er aan geloven. Het is afwachten, de tijd doden met kijken naar sneeuwplaatjes en hopen en hopen op hemelwater...

  


 


 


 


 

woensdag 5 augustus 2026

Mamelis, een klein gehucht behorend tot de gemeente Vaals in Zuid-Limburg. In dat kleine gehucht ligt de abdij Sint Benedictusberg. De monniken aldaar leven naar de regel van Benedictus, Ora et Labora, Bid en Werk. Acht uur bidden, acht uur werken, acht uur slapen. Trouw schreef daar onlangs een artikel over en omdat ik er geweest ben, las ik het met het feest der herkenning. Het moet in 2016 zijn geweest en graag wilde ik daar eens kijken omdat deze abdij als zeer behoudend wordt gezien. Niet zeven gebedsdiensten, maar acht. En de vieringen zijn in het Latijn, op de lezingen na. Aangezien mijn dierbare vriend broeder Frans Huiting, inmiddels overleden en destijds prior en gastenbroeder van de Sint Paulusabdij in Oosterhout, er regelmatig kwam om lezingen te geven over de filosofie, bedacht ik een list. Beschroomd belden we aan, wensten broeder portier goedemiddag en vervolgens ging ik in rap tempo door: 'Ik kom de groeten overbrengen van broeder Frans Huiting. De kloosterdeur ging met een zwaai open en er volgde een hartelijke ontvangst met al snel de vraag: 'Hoe is het met hem?' Ik vertelde dat het redelijk ging maar dat hij ouder werd. Met de vraag of we de eerstvolgende dienst mochten meemaken, werd instemmend geknikt. Of we maar even in de crypte wilden wachten. Zo konden we ons voorbereiden op de dienst. Broeder portier ging ons voor en zo daalden we af naar de crypte. Van voorbereiden kwam niet veel, ik probeerde de grote wat leeg overkomende ruimte met meerdere altaren in me op te nemen. Op de aangegeven tijd klommen we naar boven en gingen de kerk binnen. Over die kerk had en heb ik al veel gehoord. Het is een ontwerp van architect Dom Van der Laan, die toen nog in de Sint Paulusabdij woonde. Geen kruiswegstaties, maar kruisjes in de crypte, geen Mariabeelden, geen ikonen, geen beeltenissen van andere heiligen. Soberheid. Vensters hoog, wuivend groen maakt het minder hard. In deze abdijkerk leidt niets af. Het gebouw wijst je de weg hoe je loopt, knielt, bidt. Hier hoef jezelf niets te doen, de ruimte doet het voor je, neemt je mee naar dat hogere. Achter alles schuilt de symboliek van getallen, ook in de afmetingen. Alsof het een wiskundige kerk is. De één vindt het kaal en maar niets, maar de ander is er lyrisch over. Architecten prijzen het in alle lofzangen. Het Latijn was voor ons niet te volgen en omdat het één van de middagvieringen betrof duurde het niet zo lang. Maar de stilte deed zijn werk, de gekte van de wereld trok zich schielijk terug. Een weldaad. Na afloop werden we opgevangen door de gastenpater en zo werd het toch een mooie ontmoeting die ik nu koester. Door het artikel in Trouw komt alles weer tot leven. Alsof ik er op dit moment verblijf...

 





Foto's van klooster en kerk Sint Benedictusberg...


vrijdag 31 juli 2026

Die vreselijke warmte... Ik kan er niet tegen, ik ben een kind van de winter en dat blijft. Ik gedij bij 17 of 18 graden Celsius kamertemperatuur. Daardoor heb ik het extra zwaar. Veel wandel ik nu naar de begraafplaats om de bloemen bij mijn lief van water te voorzien. Geboortedag en sterfdag liggen dicht bij elkaar in hartje zomer. Roosjes, je zet ze neer en de volgende dag lijkt het wel stro. Daar vond ik wat op, gewoon een mooie niet te grote fleurige plant kopen en domweg in een bak met water zetten. En regelmatig de bak weer vol schenken. Lak heb ik aan de voorschriften van bloemisten dat planten niet van natte voeten houden. Nou, in deze verwenste hitte wel hoor. Zo was ik gisteren weer bezig. Omdat ik daar ook regelmatig zit als gastvrouw, waar mensen op verhaal kunnen komen met hun verhaal bij koffie of thee, ken ik veel van de medewerkers van de begraafplaats bij naam. Zo zat Geurt gisteren met zonnehoed op het hoofd bij de koffie, sterke verhalen te vertellen aan de ploeg mensen die hij aanstuurt. Tijdens de gieter vol laten lopen met water hoorde ik flarden. Mijn gedachten waren elders. De bloemen stonden er fris bij en ze leken te vragen: 'Hoe mooi vind je ons?' Ik zette een nieuw lichtje neer en ging even op de bank onder een lommerrijke boom zitten. Dan laat je je gedachten gaan. Ook hier zal ik rusten. Wanneer? Alleen de Eeuwig weet het. Mijn gedachten dwaalden af naar de winter. Het hielp een beetje om de hitte de baas te blijven. Hoe vaak kwam ik hier niet bij wind, storm of vorst? Eens toen ik een grote versierde kersttak wilde vastbinden aan de voet van het kruis, miste ik het touw. Mijn goede vriend Benno, toen nog werkzaam hier, schoot te hulp en bracht een prachtig royaal afgeknipt koord. Samen bonden we de tak in de winterstorm aan het kruis en waren op dat moment één in de zorg voor die ander. Ik dacht aan mijn wintertuin, de bloemen, de webben door spinnen zo kunstig gemaakt. Ik dacht aan mijn dichtgevroren sloot. Alles hielp om op dit moment even aan de warmte te ontsnappen. Langzaam stond ik op. Geurt en zijn ploeg waren weer aan het werk. Een paar vogels hipten voor me weg als een verre groet uit die wereld van het Licht... 

  


 


 


 


 


 

vrijdag 24 juli 2026

Bekende Nederlanders zijn drie dagen te gast in een klooster. Zie hier het recept voor een boeiend tv programma. Verschillende van die kloosters en abdijen ken ik vanwege meerdere bezoeken. Zo was Astrid Joosten onlangs te gast in de priorij Sint-Catharinadal in Oosterhout. Dat kleine kasteel maakt deel uit van de Heilige Driehoek, samen met de Sint-Paulusabdij en de Onze-Lieve-Vrouwenabdij. De priorij wordt bewoond door een actieve orde van de Norbertinessen, terwijl in de andere twee kloosters men de Regel van Sint-Benedictus volgt. Hoewel, de broeders uit de Sint-Paulusabdij vertrokken vanwege de hoge leeftijd. De nieuwe Franse orde Chemin Neuf trok in de abdij. Wij trouwe gasten herkenden niets meer en namen in stilte afscheid van deze zeer dierbare abdij.

Terug naar Sint-Catharinadal. Al een aantal keren had ik de priorin zr. Maria Magdalena gezien bij de broeders Benedictijnen in de Sint-Paulusabdij. Omdat ik werkte aan 24 kloostergesprekken met monniken, zusters, abten en abdissen leek het mij aardig om ook eens in gesprek te gaan met een priorin. Dus schreef ik eerst een briefje waarin ik alvast de vraag voor een gesprek noemde en hierbij aangaf dat ik haar graag wilde bellen. Dat gebeurde. Het duurde heel lang voordat ik zr. Maria Magdalena aan de lijn kreeg, maar dat gesprek ging toch even anders. Ik vertelde dat ik verschillende monniken had geïnterviewd en ook in de Onze-Lieve-Vrouwenabdij met drie zusters in gesprek was geweest. Daarna lanceerde ik mijn vraag dat ik ook haar graag opnam in de serie. Vooraf mocht ze de tekst lezen voordat Christelijk Weekblad het artikel publiceerde en aan de wens van eventuele bijwerkingen zou ik gehoor geven. 'Want', zo gaf ik aan, 'we moeten er beiden met plezier naar kijken.' Had ik misschien gedacht dat ze mij juichend in de telefonische armen zou vallen, dan had ik het gloeiend mis. Zr. Maria Magdalene vroeg vrij kattig: 'Waarom wilt u met mij in gesprek gaan? Ik voel er niet veel voor en ik zie het nut er ook niet van in.' Er viel een korte stilte. Ze sputterde nog wat door en de sfeer was onprettig. Toen zei ik kordaat: 'Omdat u in uw geestelijke bagage mogelijk gedachten hebt die ons anders kunnen doen kijken. Die helpen om de levensweg te vervolgen.' Opnieuw stilte, nu wat langer, toen antwoordde ze: 'Nu maakt u me helemaal beschaamd en voel ik me schuldig', waarop ik manmoedig antwoordde: 'U hoeft zich helemaal niet schuldig te voelen. Het is uw goed recht om te weigeren.'  Ik had er helemaal geen zin meer in en strooide vals nog wat zout in haar wond. Daarna groette ik beleefd en was een ervaring rijker. Zij was de eerste en enige in de serie die niet op mijn voorstel inging...

Ik keek naar de aflevering met Astrid Joosten en zag de priorin. Nog steeds Maria Magdalena. Ze was grijs geworden en leek wat kleiner, maar was nog een mooie verschijning in haar witte habijt. De zusters verbouwen nu druiven en toveren die om in vele flessen heerlijke wijn. De vorige bronnen van inkomsten waren onvoldoende en omdat ze veel grond hebben zijn ze hiertoe overgegaan. Zij was het motortje hiervan. Naast de geestelijke en bestuurlijke talenten van zr. Maria Magdalena bezit ze ook zakelijke. Door dat laatst talent meende ze af te moeten houden van een gesprek, want tijd is geld.... 

  








Foto's die ik al eerder maakte van Sint-Catharinadal...

woensdag 1 juli 2026

Buren. Buren, ze zijn er in allerlei soorten. Vaak moet je de wijste zijn om iets goed te houden, maar soms lukt het niet. Te verschillend! Veertig jaar hebben we naast elkaar gewoond en het was al vanaf het eerste jaar mis. Nu zijn ze verhuisd en ik hoop dat het hen goed gaat. Maar, zo is de mening van de buurt, het is er gewoon gezelliger op geworden. 

Achteraf zie ik steeds duidelijker wat er wrong, alles valt onder het kopje jaloezie. Dat laatste maakt veel stuk. Zo hield mijn lief van tuinieren, van klussen, van karweitjes in huis verrichten. Ik denk dat dit hem vooral ontspande naast een zware baan. Buurman V. hield hier helemaal niet van, was ook onhandig. Ze hielden van voetballen, van feestjes en van lol maken. Buurvrouw V. was de spil van het kwaad. Mijn lief maakte van de tuin een klein paradijs, de tuin van de buren daarentegen werd steeds steniger en smakelozer. Dat hoefde niet te leiden tot deze akelige verhouding. Ieder mag zijn zoals hij is. In dit geval was er geen houden aan. Mijn lief plantte veertig jaar geleden een vuurdoorn tegen de wederzijdse schutting en zo gek, je gaat je hechten aan die struik. In de zomer mooi in de witte bloei en in de herfst fraaie rode bessen. Vanuit ons raam genoten we van het vogelfeest in de vuurdoorn. De buren riepen voortdurend 'dat ze last hadden van die prikkelstruik' en scholden er lustig op los...

Er kwamen nieuwe buren. Heel toegankelijk en heel plezierig. Jonge mensen die aan hun huis een uitbouw bedachten. De gezamenlijke schutting ging weg en toen moest de vuurdoorn ook verdwijnen. Rouwen, het leek of ik mijn lief opnieuw verloor. De nieuwe buurman is hovenier en hij bedacht iets. De struik werd ingrijpend gesnoeid en toen mocht ze bijkomen in zijn tuin. Dus eigenlijk de tuin van de voormalige vijand! Toen de uitbouw na een winter klussen gereed was, werd de vuurdoorn in verse aarde in mijn tuin teruggezet. En zie, de struik sloeg aan en schijnt nu meer plezier te hebben dan ooit. De buurman maakte mijn hoekje extra gezellig met wat aardige plantjes. Ik was geroerd en bedankte de buren dankbaar. 'Ach', zei hij, 'ík had nog wat over en ik dacht dat zet ik maar bij de vuurdoorn.' Buren, ze zijn er in alle soorten en maten...

 


  


 

dinsdag 23 juni 2026

Er is nog een vervolg op mijn vorige column. Dat gaat over de pastoraal werker Ageeth en haar echtgenoot Jelle. Door de vele gesprekken ontstond er iets. Je zou het kunnen noemen 'herkenning'. Uit hetzelfde hout gesneden. Dat is waardevol. Je mening toetsen aan die ander, die ander toetst zijn mening aan die van jou. Samen zoeken. Ik nodigde ze uit voor een dagje bij mij thuis. Dat gebeurde. Het werd een hartelijk weerzien waar veel aan de orde kwam tijdens de koffie en de lunch. De dag werd afgesloten met een bezoek aan het toen nog prille Ikonenmuseum. Ze keken hun ogen uit.

Het zal een week later zijn geweest toen er een briefpakje op de deurmat viel. Het was een boekje met Keltische zegenbeden van Ageeth en Jelle en uitgegeven door de Stichting 'Midden onder U'. Erik van den Borne schrijft in de inleiding van dit 32 blz. tellende boekje over de Keltische spiritualiteit onder meer: Ook op het Europese vasteland heeft het Keltische christendom zijn sporen nagelaten met name van missionerende Ierse monniken en hun bijdrage aan het westerse kloosterleven. Kenmerkend voor hun spiritualiteit is een positieve houding tegenover de schepping. Mens en natuur worden beleefd als doorweven van het goddelijke. Ofschoon diezelfde wereld doortrokken is van het kwaad, kunnen wij ons daaruit verheffen door een christelijke levenswandel. Door deze samen te beoefenen kunnen we het menselijk bestaan op een hoger plan brengen. Ik bladerde door dit kleine boekje met grote inhoud. Het was thuiskomen bij deze prachtige Keltische spreuken, wensen en beden voor elke dag. Tot slot deze alles omvattende woorden:

Moge de Eeuwige / de zachte sluier van de nacht

over je spreiden / en je brengen in een diepe slaap.

En moge de Eeuwige / eens de sluier van de dood

op je leggen, / niet om te verstikken,

maar om je mee te voeren / naar een oord

dat vol is van licht en vrede. 

 


 


 


 

 

Zou het wat zijn om Trump, Poetin en Netanyahu daar eens een paar weken naar toe te sturen? Ik bedacht het al tikkend...