Overbrugd

Overbrugd

woensdag 31 december 2014


Moskou en Sint Petersburg (9) slot. 

Sluitstuk van de reis is een bezoek aan Peterhof, een kleine stad aan de Finse Golf, 29 kilometer ten westen van Sint-Petersburg. Het stadje is beroemd door het overweldigende Grote Paleis, ook wel Peterhof, met beeldschone park. Toen Peter de Grote onderweg was van Sint-Petersburg naar de haven van Kroonstad (eilandje in de Finse Golf) zag hij een bijzonder stukje kust met natuurlijk terras. Hij liet er in 1710 een houten paleisje bouwen en gebruikte het als pleisterplaats op zijn reisjes naar de haven. Ondertussen droomde de tsaar van een groot paleizencomplex, dat niet onder zou doen voor de onderkomens van de monarchen in West-Europa. Hij huurde 5000 arbeiders en een team architecten en waterbouwkundigen in voor de bouw van de voorganger van het huidige paleis. Aan de oever van de Finse Golf bedacht hij de kleine villa Monplaisir; aan de voet van het Grote Paleis ontwierp hij de Grote Cascade, een barok en trapvormig aangelegd waterkunstwerk.
 
 
Een kanaal zorgt voor de verbinding met de zee en zo kon de tsaar ook per boot het Grote Paleis bereiken. Het water voor de Grote Cascade komt uit ondergrondse bronnen in de Ropsjaheuvels, 22 kilometer zuidwaarts. Dit water wordt ook gebruikt voor de tientallen waterwerken in de tuin. Na zijn dood in 1725 ging tsarina Elisabeth aan het ‘verfraaien’, echter bij het aantreden van Catharina II verdween veel van de smakeloze weelde. Ondanks het geknutsel is het oorspronkelijke idee van tsaar Peter bewaard gebleven. Het Grote Paleis per boot bereiken behoort tot het verleden door de komst van de fontein Samson. Midden in het bassin staat deze robuuste figuur in een waternevel, terwijl hij de muil van een leeuw onafgebroken opentrekt. Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakte het Grote Paleis zwaar beschadigd, eeuwenoude bomen in het park waren gekapt en het kunstige hydrotechnische systeem vernield. Na de bevrijding in 1944 begon het herstel.

Ondanks het vroege uur is het druk op de parkeerplaats. Tientallen bussen en auto’s, een paar hoornblazers trotseren de regen en heten ons welkom met ‘Tulpen uit Amsterdam’ gevolgd door ‘Er wordt aan de deur geklopt’. Het levert gulle giften op. Voor het driehonderd meter lange paleis staat al een lange rij nieuwsgierigen, want wie wil er nu niet achter de paleismuren kijken? En mocht dat tegenvallen, dan is er altijd nog de veelbelovende tuin. We schuifelen voort langs de cascade met de 37 spuitende fonteinen, die zichzelf en elkaar in een sluier van minuscule druppeltjes hullen. Na binnenkomst ontdoen van nattigheid en op maatloze sloffen proeven van de sfeer in staatsievertrekken en privé-suites. We wanen ons als vorsten op galerijen en trappen, dromen weg bij de balzaal in Russische barokstijl. De twee rijen ramen boven elkaar, gereflecteerd in spiegels, doen de zaal veel groter lijken. Hoogtepunt is het Eiken Kabinet van de tsaar. De acht wonderschone houtpanelen hebben de oorlog overleefd en de smaakvolle inrichting is een verademing bij het overdadige van voorgaande vertrekken. Kristallen kroonluchters in de Troonzaal, portretten van de familie Romanov, massief goud en nep goud. Op adem komen langs de cascade, de druppels voelen en het sprookje aanschouwen van dansende prinsen en prinsessen met bezoekers.

Wandelen in een wereld van groen, brede paden, kleurige bloembedden, miniatuur-paleisjes, ruisende fonteinen, roerloze beelden. De Adamfontein en de Evafontein geven het gevoel in een paradijs te zijn, de Zonnefontein laat het water zacht ruisen alsof ze een rustig gesprekje wil beginnen en wat te denken bij de Piramidefontein, de Garvefontein en de Romeinsefontein?
 
Bij de Oranjerie is te zien hoe Triton een zeemonster verscheurt in een waas van neervallend water. We wandelen over het terras van Monplaisir langs de oever van de Finse Golf. Wijd en grauw ligt op deze zonloze dag het water voor ons, opgestuwd door de wind. Hoe heerlijk om even uit te waaien en alle gekkigheid uit het hoofd te laten ontsnappen. Een blik door de vensters van het meest geliefde onderkomen van tsaar Peter laat zwart-witte tegelvloeren in ruitvorm zien, twee glazen galerijen geven onbelemmerd uitzicht op de zee. Is het gek dat de tsaar in dit onderkomen vooral zeegezichten onderbracht van Vlaamse en Hollandse meesters?
 
Voor het terras werd Hollandse baksteen gebruikt en daarom kreeg het de naam 'Hollandse Huisje’. We groeien in trots. Bij de uitgang van het paleispark doen de stands met paraplu’s goede zaken. Toch die grote paraplu kopen met Russische teksten? Ik weersta de verleiding.

Op de terugweg rijden we via Strelna, langs de presidentiële residentie van Poetin. Wanneer hij zijn geboorteplaats bezoekt verblijft hij in dit lichtgele paleisje, ooit het Kanstantinovskipaleis. Na de vernielingen in de Tweede Wereldoorlog bleef het tot 2001 in armelijke staat achter, maar nu is het in luister hersteld; in 2006 werd hier de G8-top gehouden.

Aan het eind van de middag vliegen we vanuit Sint-Petersburg terug naar Schiphol met hoofden boordevol indrukken. Een land waar melancholie en sprookjes hand in hand gaan, maar ook een land wat  bol staat van wreedheden en onderdrukking. Een land van kerken en kloosters, van onherbergzame oorden met vergeten bewoners, van glasnost en perestrojka en rijk vloeiende wodka. Bijgeloof leeft bij de Rus. Zo wordt de verjaardag nooit vooraf gevierd, want dat brengt ongeluk. Geef altijd een oneven aantal bloemen; een even aantal wordt bij een begrafenis gegeven. In een gebroken spiegel kijken geeft ellende en wil je na een reis behouden terugkeren, dan kijk je voor het vertrek de achterblijvers zwijgend en langdurig in de ogen.  
Door het raampje zie ik Nederland in de diepte voorbij glijden. Rechte sloten, boomloze stukken land, polderlandschap. Een rivier als zilveren lint zoveel breder dan de Wolga, een brug met vier wielen van bladgoud, torenspitsen, saam geblokte huisjes, Kampen. Bijna thuis…