Wie ben ik en hoe vind ik mijn weg
verder?
Hij verzorgt
lezingen en workshops over thema’s als ouder worden, levenseinde, afscheid,
verlies en zorg. Van zijn hand verschenen verschillende boeken voor wie rouwt,
en voor wie rouwenden beter wil leren begrijpen. In gesprek met
Marinus van den Berg.
Als ik de kaars aansteek, wil jij dan
de woorden zeggen?
‘Een kaars
is veelzeggend. Elke morgen steek ik op mijn werkkamer een kaars aan omdat één
licht zoveel licht kan brengen. Eén licht wijst de duisternis haar grenzen.’
Er staan inmiddels veel boeken op je
naam. De titels zijn veelzeggend: Waken en afscheid nemen, Teksten bij het
afscheid, Door je verdriet heengroeien, om er maar enkele te noemen. Ben je
onze ‘rouwpastor’?
‘Wie is
ónze’, zou ik willen zeggen. Je bent pastor voor iemand als die dat ook zo gaat
ervaren. Dat is een ontwikkeling, een groei. Een mens is niet open, maar een
mens kan opengaan. Dat gebeurt als er veiligheid en vertrouwen groeit, als er
in pastorale relaties zorgzaamheid en zorgvuldigheid wordt geboden. Als iemand
iets van dat behoeden bemerkt, dan mag je je iemands pastor weten.’
Wanneer en waardoor ontstond de
behoefte om over de moeilijke materie te schrijven?
Tijdens mijn
studie in Amerika overleed het zoontje van mijn broer. Ik hoorde er pas van na
de begrafenis. In diezelfde tijd overleed een tante naast ons, een oudoom die
bij ons in huis woonde en mijn oma. Vier mensen binnen twee maanden. In
diezelfde periode luisterde ik naar iemand die vertelde over rouw en
hechtingstheorieën. Ik herkende heel veel en toen ik een scriptie moest schrijven stelde ik als onderwerp voor
‘Lijden aan een verlies’. Wie is God, wat is lijden, hoe ga je hiermee om? Toen
ben ik mensen gaan interviewen. Na afronding van mijn scriptie kreeg ik het
advies op deze weg verder te gaan.’
Recent verscheen Rouwen in de tijd. Een fors boek, waarin alles aan de orde
komt. Een soort ‘rouwbijbel’, een boek om in te bladeren?
‘Ja, als je
de bijbel dan maar wilt opvatten als een verzameling van verhalen, van
impressies, van poëzie; het is een wonderlijk boek, een klein ‘bibliotheekje’,
waarin je mag kijken, waardoor je je mag laten inspireren, want er is wel een
rode draad. Het gaat om het geloof, om het vinden van wie is God is voor mij en wie ben ik voor God? Zo is
het ook in de rouw. Wie ben ik en hoe vind ik mijn weg verder? Inmiddels meldde
de uitgever dat de tweede druk in aantocht is.’Is dit boek de bekroning van alles wat je over dit onderwerp schreef?
‘Ik denk het wel.’
De ondertitel is Een zoektocht in het landschap van
afscheid en verlies. Wil je hier iets
over vertellen?
‘Ik moest in
Torhout (België) over dit onderwerp spreken voor een groep studenten. Om het
aanschouwelijk te maken tekende ik een landkaart. Die landkaart, Terra Incognita (Het onbekende land)
staat aan de binnenzijde van Rouwen door
de tijd. In het midden heb ik een hart getekend, je bent nu in je hart
geraakt. In dat hart tekende ik de vier zingevingsgebieden: intimiteit,
ontspanning, inspanning en levensbeschouwing. De landkaart geeft de zoektocht
weer door het onbekende land met plekken van gevaar, maar ook van warmte en
genegenheid. De kern is: jij die opnieuw verbinding zoekt met de wereld om je
heen. Daarnaast speelt haasttijd en vertraagde tijd. Iemand in rouw leeft niet
zoals anderen in de haasttijd, maar vanuit de chaos in de vertraagde tijd, je kunt wel deelnemen aan wat het leven heet,
maar nooit meer op dezelfde wijze of in hetzelfde tempo als in de haasttijd.’
Rouwen in de
tijd is overzichtelijk. Kleine
hoofdstukken, afgewisseld door onderwegteksten en intermezzo’s. Mondjesmaat
verschillende onderdelen aanreiken?
‘Rouwenden
kunnen maar kleine stukjes aan. Door in het boek te bladeren komen ze soms niet
die ene zin tegen waar ze naar zochten. Een zin om die dag mee te nemen.’
Langzaam leid je de lezer door het
boek. Suggestie voor hoe te leven bij rouwpijn, worden aangeboden. Er zijn ook
omkaderde vragen voor de lezer. Probeer je zo de lezer bij de eigen situatie te
houden?
‘Ja. Ik zeg
bij lezingen vaak: ‘U moet niet naar mij komen luisteren. Ik hoop dat u vandaag
goed luistert naar uzelf. Ik reik de beelden aan en ervaringen. Niet om te
zeggen, zó moet het, maar wat komt het dichtst bij uzelf?’
Je noemt jezelf iemand die het steeds
minder weet en leert van wie het wel weet. Worden de rouwenden je leermeester?
‘De lijdende
gaat mij vóór, want die vertelt waar hij ongeveer is in landschap van verlies.
Dan is de vraag 'zij‘ er kinderen, zijn er familieleden en goede vrienden’
belangrijk; maar belangrijker is de vraag ‘wat betekenen ze voor u?’ In dialoog
kan helder worden dat rouwenden ook voor anderenweer iets kunnen gaan
betekenen.’
Met welke boodschap wil je rouwenden
in de opmaat naar kerstmis bemoedigen?
‘Ik zou een
zin van Paul Claudel willen zeggen: ‘Christus is niet in de wereld gekomen om
het lijden weg te nemen, maar om het lijden te verlichten.’ Wil je kerstmis
kunnen vieren dan moet ook het gemis en de pijn genoemd worden. Er is een leegte.
Bonhoeffer zegt dat ook God die leegte niet vult. Maar God respecteert die
unieke liefdesband die wij met iemand gehad hebben en nog hebben. Rouw gaat
over liefde.’Naschrift:
Marinus van den Berg (1947), geboren in Wijhe, studeerde aan het gymnasium van de paters karmelieten in Zenderen, en theologie aan de Katholieke Hogeschool Utrecht en de universiteit van Yale (USA).Hij werd in 1977 priester gewijd en werkte acht jaar in Apeldoorn in het verpleeghuis ‘Randerode’, daarna 15 jaar als pastoraal vormingswerker voor de gezondheidszorg. Van den Berg is in 2009 elf jaar pastor en geestelijk verzorger voor Antonius IJsselmonde te Rotterdam en een jaar in het nieuwe palliatief centrum Cadenza. Bijna 30 jaar is hij betrokken bij de Vereniging Ouders Overleden Kind en geeft veel lezingen en cursussen over omgaan met verlies en afscheid. Hij kreeg een koninklijke onderscheiding voor zijn werk.