Overbrugd

Overbrugd

vrijdag 31 juli 2026

Die vreselijke warmte... Ik kan er niet tegen, ik ben een kind van de winter en dat blijft. Ik gedij bij 17 of 18 graden Celsius kamertemperatuur. Daardoor heb ik het extra zwaar. Veel wandel ik nu naar de begraafplaats om de bloemen bij mijn lief van water te voorzien. Geboortedag en sterfdag liggen dicht bij elkaar in hartje zomer. Roosjes, je zet ze neer en de volgende dag lijkt het wel stro. Daar vond ik wat op, gewoon een mooie niet te grote fleurige plant kopen en domweg in een bak met water zetten. En regelmatig de bak weer vol schenken. Lak heb ik aan de voorschriften van bloemisten dat planten niet van natte voeten houden. Nou, in deze verwenste hitte wel hoor. Zo was ik gisteren weer bezig. Omdat ik daar ook regelmatig zit als gastvrouw, waar mensen op verhaal kunnen komen met hun verhaal bij koffie of thee, ken ik veel van de medewerkers van de begraafplaats bij naam. Zo zat Geurt gisteren met zonnehoed op het hoofd bij de koffie, sterke verhalen te vertellen aan de ploeg mensen die hij aanstuurt. Tijdens de gieter vol laten lopen met water hoorde ik flarden. Mijn gedachten waren elders. De bloemen stonden er fris bij en ze leken te vragen: 'Hoe mooi vind je ons?' Ik zette een nieuw lichtje neer en ging even op de bank onder een lommerrijke boom zitten. Dan laat je je gedachten gaan. Ook hier zal ik rusten. Wanneer? Alleen de Eeuwig weet het. Mijn gedachten dwaalden af naar de winter. Het hielp een beetje om de hitte de baas te blijven. Hoe vaak kwam ik hier niet bij wind, storm of vorst? Eens toen ik een grote versierde kersttak wilde vastbinden aan de voet van het kruis, miste ik het touw. Mijn goede vriend Benno, toen nog werkzaam hier, schoot te hulp en bracht een prachtig royaal afgeknipt koord. Samen bonden we de tak in de winterstorm aan het kruis en waren op dat moment één in de zorg voor die ander. Ik dacht aan mijn wintertuin, de bloemen, de webben door spinnen zo kunstig gemaakt. Ik dacht aan mijn dichtgevroren sloot. Alles hielp om op dit moment even aan de warmte te ontsnappen. Langzaam stond ik op. Geurt en zijn ploeg waren weer aan het werk. Een paar vogels hipten voor me weg als een verre groet uit die wereld van het Licht... 

  


 


 


 


 


 

vrijdag 24 juli 2026

Bekende Nederlanders zijn drie dagen te gast in een klooster. Zie hier het recept voor een boeiend tv programma. Verschillende van die kloosters en abdijen ken ik vanwege meerdere bezoeken. Zo was Astrid Joosten onlangs te gast in de priorij Sint-Catharinadal in Oosterhout. Dat kleine kasteel maakt deel uit van de Heilige Driehoek, samen met de Sint-Paulusabdij en de Onze-Lieve-Vrouwenabdij. De priorij wordt bewoond door een actieve orde van de Norbertinessen, terwijl in de andere twee kloosters men de Regel van Sint-Benedictus volgt. Hoewel, de broeders uit de Sint-Paulusabdij vertrokken vanwege de hoge leeftijd. De nieuwe Franse orde Chemin Neuf trok in de abdij. Wij trouwe gasten herkenden niets meer en namen in stilte afscheid van deze zeer dierbare abdij.

Terug naar Sint-Catharinadal. Al een aantal keren had ik de priorin zr. Maria Magdalena gezien bij de broeders Benedictijnen in de Sint-Paulusabdij. Omdat ik werkte aan 24 kloostergesprekken met monniken, zusters, abten en abdissen leek het mij aardig om ook eens in gesprek te gaan met een priorin. Dus schreef ik eerst een briefje waarin ik alvast de vraag voor een gesprek noemde en hierbij aangaf dat ik haar graag wilde bellen. Dat gebeurde. Het duurde heel lang voordat ik zr. Maria Magdalena aan de lijn kreeg, maar dat gesprek ging toch even anders. Ik vertelde dat ik verschillende monniken had geïnterviewd en ook in de Onze-Lieve-Vrouwenabdij met drie zusters in gesprek was geweest. Daarna lanceerde ik mijn vraag dat ik ook haar graag opnam in de serie. Vooraf mocht ze de tekst lezen voordat Christelijk Weekblad het artikel publiceerde en aan de wens van eventuele bijwerkingen zou ik gehoor geven. 'Want', zo gaf ik aan, 'we moeten er beiden met plezier naar kijken.' Had ik misschien gedacht dat ze mij juichend in de telefonische armen zou vallen, dan had ik het gloeiend mis. Zr. Maria Magdalene vroeg vrij kattig: 'Waarom wilt u met mij in gesprek gaan? Ik voel er niet veel voor en ik zie het nut er ook niet van in.' Er viel een korte stilte. Ze sputterde nog wat door en de sfeer was onprettig. Toen zei ik kordaat: 'Omdat u in uw geestelijke bagage mogelijk gedachten hebt die ons anders kunnen doen kijken. Die helpen om de levensweg te vervolgen.' Opnieuw stilte, nu wat langer, toen antwoordde ze: 'Nu maakt u me helemaal beschaamd en voel ik me schuldig', waarop ik manmoedig antwoordde: 'U hoeft zich helemaal niet schuldig te voelen. Het is uw goed recht om te weigeren.'  Ik had er helemaal geen zin meer in en strooide vals nog wat zout in haar wond. Daarna groette ik beleefd en was een ervaring rijker. Zij was de eerste en enige in de serie die niet op mijn voorstel inging...

Ik keek naar de aflevering met Astrid Joosten en zag de priorin. Nog steeds Maria Magdalena. Ze was grijs geworden en leek wat kleiner, maar was nog een mooie verschijning in haar witte habijt. De zusters verbouwen nu druiven en toveren die om in vele flessen heerlijke wijn. De vorige bronnen van inkomsten waren onvoldoende en omdat ze veel grond hebben zijn ze hiertoe overgegaan. Zij was het motortje hiervan. Naast de geestelijke en bestuurlijke talenten van zr. Maria Magdalena bezit ze ook zakelijke. Door dat laatst talent meende ze af te moeten houden van een gesprek, want tijd is geld.... 

  








Foto's die ik al eerder maakte van Sint-Catharinadal...

woensdag 1 juli 2026

Buren. Buren, ze zijn er in allerlei soorten. Vaak moet je de wijste zijn om iets goed te houden, maar soms lukt het niet. Te verschillend! Veertig jaar hebben we naast elkaar gewoond en het was al vanaf het eerste jaar mis. Nu zijn ze verhuisd en ik hoop dat het hen goed gaat. Maar, zo is de mening van de buurt, het is er gewoon gezelliger op geworden. 

Achteraf zie ik steeds duidelijker wat er wrong, alles valt onder het kopje jaloezie. Dat laatste maakt veel stuk. Zo hield mijn lief van tuinieren, van klussen, van karweitjes in huis verrichten. Ik denk dat dit hem vooral ontspande naast een zware baan. Buurman V. hield hier helemaal niet van, was ook onhandig. Ze hielden van voetballen, van feestjes en van lol maken. Buurvrouw V. was de spil van het kwaad. Mijn lief maakte van de tuin een klein paradijs, de tuin van de buren daarentegen werd steeds steniger en smakelozer. Dat hoefde niet te leiden tot deze akelige verhouding. Ieder mag zijn zoals hij is. In dit geval was er geen houden aan. Mijn lief plantte veertig jaar geleden een vuurdoorn tegen de wederzijdse schutting en zo gek, je gaat je hechten aan die struik. In de zomer mooi in de witte bloei en in de herfst fraaie rode bessen. Vanuit ons raam genoten we van het vogelfeest in de vuurdoorn. De buren riepen voortdurend 'dat ze last hadden van die prikkelstruik' en scholden er lustig op los...

Er kwamen nieuwe buren. Heel toegankelijk en heel plezierig. Jonge mensen die aan hun huis een uitbouw bedachten. De gezamenlijke schutting ging weg en toen moest de vuurdoorn ook verdwijnen. Rouwen, het leek of ik mijn lief opnieuw verloor. De nieuwe buurman is hovenier en hij bedacht iets. De struik werd ingrijpend gesnoeid en toen mocht ze bijkomen in zijn tuin. Dus eigenlijk de tuin van de voormalige vijand! Toen de uitbouw na een winter klussen gereed was, werd de vuurdoorn in verse aarde in mijn tuin teruggezet. En zie, de struik sloeg aan en schijnt nu meer plezier te hebben dan ooit. De buurman maakte mijn hoekje extra gezellig met wat aardige plantjes. Ik was geroerd en bedankte de buren dankbaar. 'Ach', zei hij, 'ík had nog wat over en ik dacht dat zet ik maar bij de vuurdoorn.' Buren, ze zijn er in alle soorten en maten...

 


  


 

dinsdag 23 juni 2026

Er is nog een vervolg op mijn vorige column. Dat gaat over de pastoraal werker Ageeth en haar echtgenoot Jelle. Door de vele gesprekken ontstond er iets. Je zou het kunnen noemen 'herkenning'. Uit hetzelfde hout gesneden. Dat is waardevol. Je mening toetsen aan die ander, die ander toetst zijn mening aan die van jou. Samen zoeken. Ik nodigde ze uit voor een dagje bij mij thuis. Dat gebeurde. Het werd een hartelijk weerzien waar veel aan de orde kwam tijdens de koffie en de lunch. De dag werd afgesloten met een bezoek aan het toen nog prille Ikonenmuseum. Ze keken hun ogen uit.

Het zal een week later zijn geweest toen er een briefpakje op de deurmat viel. Het was een boekje met Keltische zegenbeden van Ageeth en Jelle en uitgegeven door de Stichting 'Midden onder U'. Erik van den Borne schrijft in de inleiding van dit 32 blz. tellende boekje over de Keltische spiritualiteit onder meer: Ook op het Europese vasteland heeft het Keltische christendom zijn sporen nagelaten met name van missionerende Ierse monniken en hun bijdrage aan het westerse kloosterleven. Kenmerkend voor hun spiritualiteit is een positieve houding tegenover de schepping. Mens en natuur worden beleefd als doorweven van het goddelijke. Ofschoon diezelfde wereld doortrokken is van het kwaad, kunnen wij ons daaruit verheffen door een christelijke levenswandel. Door deze samen te beoefenen kunnen we het menselijk bestaan op een hoger plan brengen. Ik bladerde door dit kleine boekje met grote inhoud. Het was thuiskomen bij deze prachtige Keltische spreuken, wensen en beden voor elke dag. Tot slot deze alles omvattende woorden:

Moge de Eeuwige / de zachte sluier van de nacht

over je spreiden / en je brengen in een diepe slaap.

En moge de Eeuwige / eens de sluier van de dood

op je leggen, / niet om te verstikken,

maar om je mee te voeren / naar een oord

dat vol is van licht en vrede. 

 


 


 


 

 

Zou het wat zijn om Trump, Poetin en Netanyahu daar eens een paar weken naar toe te sturen? Ik bedacht het al tikkend... 

donderdag 18 juni 2026

 De verrassing was groot: daar stond hij, mijn goede vriend Charles van Leeuwen. Ik zat in de bibliotheek van Zuidlaren en het blad 'Volzin' trilde in mijn hand van pure opwinding. De herinneringen buitelden haast over elkaar. In 2004 hadden we elkaar voor het eerst ontmoet in de Sint Paulusabdij in Oosterhout. We waren daar beiden als gast en er was meteen een klik. Misschien kwam het doordat het schrijven ons verbond, misschien was het de beider affiniteit met de rooms-katholieke kerk, terwijl wij protestant waren. Of was het vooral wat broeder Frans Huiting, de gastenpater zei: 'Jullie delen dezelfde spiritualiteit.' Had hij mij geen troost geboden toen mijn lief zo ziek werd. En ook daarna door mij op te zoeken. Nu stond hij in 'Volzin' met een prachtig artikel waar hij zijn licht liet schijnen over de verschillende aspecten van het kloosterleven. En daar hield het niet mee op: hij was in mei 2026 benoemd als de nieuwe directeur van klooster Wittem in Zuid-Limburg. Ook dat klooster kende ik. Had niet de pastoraal werker destijds een brief geschreven naar Christelijk Weekblad met de opmerking: 'Die mevrouw schrijft mooie artikelen over diverse kloosters, maar wij hier in Wittem hebben ook een mooi klooster. Zij mag hier gratis logeren in ruil voor een artikel.' In  2007 meldde ik me aan de kloosterpoort voor een verblijf van vier dagen. Het was geweldig. Geen contemplatief klooster maar een actief klooster waarin de broeders Redemptoristen leefden. Het gebouw was imposant want jarenlang konden daar nieuwkomers de eerste stappen zetten op het pad van deze orde. Lange gangen, zo herinner ik me, vier etages boven elkaar. Aan de muren prachtige afgestane kerkelijke kunst. Wanneer kerken of kloosters sloten, brachten ze veelal hun kunst naar Wittem. Ik las het artikel er nog eens op na en moest lachen hoe ik de rondleiding door medewerker Jelle Wind beschrijf: Redemptor betekent Verlosser, zo leren we. Hij gaat ons voor in vaart door de sacristie, de kloosterkerk, de Mariakapel, de Gerarduskapel, tenslotte belanden we in de grafkelder. Het is eerst griezelen, maar de zorgvuldigheid waarmee de doden worden bijgezet, doet het gevoel omslaan.'Op welke plaats', zo vraagt Jelle, 'denken jullie wordt de laatste Redemptorist begraven?' We raden. Jelle lacht en wijst naar de nis naast het lichtknopje. 'Hier, want hij moet het licht uitdoen.' Het breekt de spanning. In Wittem komen nog veel pelgrims en in de tuin vinden regelmatig processies plaats. Er is een prachtige bibliotheek en ook de boekenwinkel mag er zijn. Er zijn niet veel paters meer, maar het gedachtegoed van Gerardus van Majella is nog springlevend. En van deze actieve religieuze gemeenschap mag Charles zich nu directeur noemen. Ik wens zowel Charles als de laatste bewoners van het klooster alle goeds toe. En weet, dit komt goed, ze passen bij elkaar. Met een zucht leg ik 'Volzin' weer terug in de schappen van de bibliotheek. Ik noteer het e-mail adres van de redactie en zal vragen of ze een present-exemplaar willen sturen naar de bibliotheek in mijn woonplaats. En Charles zal ik het artikel uit 2007 toesturen...  

 


 


 


 


Van boven naar beneden: doorkijkje klooster Wittem, trappenhuis kloosterkerk, bibliotheek.

Mochten er lezers zijn die meer willen weten van klooster Wittem, kijk dan zaterdag 20 juni naar kloostergasten op NPO 2 om 21.20 uur. 

donderdag 11 juni 2026

Onlangs bezochten we museum 'More' in Gorssel. Inmiddels kennen we daar aardig de weg en zijn altijd weer onder de indruk van dit prachtige gebouw. Voeg daar de merendeels inspirerende exposities bij en een paar uur oeverloos genieten is de beloning. Vooral even weg van de kommer en kwel die journaals en kranten melden. Meestal sluiten we zo'n bezoek af met een korte wandeling door de museumwinkel. Zo als onlangs. Het is verbazingwekkend hoe handig de commercie hierop inspeelt. Zag je schilderijen van Jan Mankes, de brillendozen, linnen tasjes, schriften, zakdoeken en servetten, op alles zijn schilderijen van hem zichtbaar. En dat geldt voor alles wat we zojuist in de expositie tegenkwamen. En toen klonk vanuit een hoek met allerlei boeken en kunstkaarten vrolijk vogelgekwetter. Ik houd van vogels dus ik dacht aan een kleine volière, maar nee, de geluiden kwamen uit een klein kastje. Ik schoot in de lach, want had ik niet onlangs een soortgelijk vogelkastje bij de Aldi gekocht? Nieuwsgierig keek ik naar de prijs, dat was schrikken. Voor 39,95 Euro mocht je het kopen. En kijk, waar mijn kastje zes programma's heeft en gewoon met het kabeltje van de telefoon kan worden opgeladen, had dit exemplaar slechts één programma en werkte het op een batterij. Bij de Aldi kostte het tien Euro. Mijn maatje en ik stonden nog wat na te praten bij de vrolijke vogeltjes toen opeens de winkelmeneer geërgerd kwam aanlopen en met een ruk de vogels tot stilte bracht. Hij mompelde 'Dat hoeven ze buiten niet te horen!' Ik pruttelde zachtjes dat het juist zo gezellig was en dat werd opgevangen door een aardig echtpaar. Ze lachten en vertelden spontaan dat zij ook zo'n vogelkastje hadden en er destijds 50 Euro voor betaalden. Inmiddels waren de vogeltjes verbannen naar het toilet omdat het gefluit begon te vervelen. 'Maar dan blijven mensen daar juist zitten', merkte ik op. Alle vier schoten we in de lach. De meneer gaf aan dat hij er slechts kortdurend verbleef, zijn echtgenote stond inmiddels te kijken naar een bonte theedoek van 11,95 Euro! Een prachtige expositie met als toetje een spontaan en vrolijk gesprek met goedlachse onbekende bezoekers...  

   

Natuurgeluidenbox, zo heet het kastje. Thuis liet ik de vogels weer fluiten en ik genoot van deze altijd blijde diertjes en het klaterend water...

dinsdag 9 juni 2026

 Ik werd attent gemaakt op een artikel in Trouw dat over vriendschap ging met als kop 'Het geheim van een goede vriend? Die heeft zijn eigen tuintje'. Het is een artikel waarin schrijver Saskia Kalb ons meeneemt op haar tocht om verschillende vriendschappen te onderzoeken. Nanne Meulendijks maakte er een prachtige tekening bij. Die alleen al noodt tot lezen. 'De psychologie belicht de emotionele  kant van vriendschap, de filosofie begint juist aan de rationele kant van vriendschap', zo merkt Kalb op. En vervolgt: 'Een denker als Aristoteles heeft het begrip 'vriendschap' 2400 jaar geleden zo goed doordacht dat zijn ideeën hierover de norm zijn geworden. Je hebt nuttige vrienden, plezierige vrienden en deugdzame vrienden. Die laatste zijn voor Aristoteles de echte'. Ik lei de krant even weg en dacht na. De eerste twee soorten vrienden begreep ik, maar die derde soort 'de deugdzame vriend' wat moest ik daaronder verstaan? Het antwoord was klaar en duidelijk: 'Dat is iemand die jou een beter mens maakt, die geheel onbaatzuchtig altijd het beste met je voorheeft.' Ik volgde de wolken en liet mijn gedachten hierover de vrije loop. Opeens schoot me de column van afgelopen zaterdag op de laatste bladzijde van de Verdieping van Trouw weer te binnen. De columnist liet ook hier haar licht schijnen over vriendschap. Door een verkeerde opmerking tegen haar kon een vriendschap uit elkaar knappen. Het ging over kinderen. Iemand merkte op dat de columnist daar toch geen verstand van had want zij had geen kinderen. Zo'n opmerking kan als een pijl je hart doorboren. En dat gebeurde ook bij haar. Ik heb ook vrienden verloren die de meest harde dingen meenden te moeten zeggen die kant nog wal raakten. Dan hoor ik dat verlamd aan en voel langzaam stille woede opkomen die eindigt in geraas. Soms letterlijk. Dan zegt een stem in me: 'Dit verdien je niet. Stop met deze 'vriendschap'. En neem je dit besluit, dan is de opluchting groot! Dit soort mensen misbruikt je, jouw verwachtingen waren te hoog gespannen. Deugdzame vrienden, ik heb ze. Ze zijn goud waard, want ik leer van ze en word daardoor een milder en wijzer mens...

Zo maar wat gedachten die elkaar verbinden. In de bespreking door Saskia Kalb van haar boek 'Vriend. De kunst om minder van elkaar te verwachten' en de gedachten van de columnist van zaterdag 6 juni op de achterzijde van de Verdieping van Trouw. 

 


donderdag 4 juni 2026

Mijn maatje wist het zeker: er moest een nieuwe oppottafel komen. Het klopte, want toen ik de oude tafel wilde verzetten dreigden alleen nog de vier poten te blijven staan, terwijl ik slechts het blad in de handen hield. We gingen naar de Praxis. Nee, een oppottafel verkochten ze niet, maar bij die en die hadden ze er vast nog wel van die tafels. Vol goede moed reden we na naar Karwei, maar ach er was maar één model en dat was niet onze smaak. Ondertussen roffelde de regen op het dak van deze grote doe-het-zelf zaak en gingen we even bij de uitgang op een gastvrije bank zitten. Ondertussen plensde regen vlak voor ons neer. Het was even oeverloos genieten. De bedrijfsleider kwam langs en glimlachte. 'Misschien een kopje koffie er bij?', vroeg hij en even later zat mijn maatje achter een groot glas water en ik achter de koffie. Af en toe lichtte het vervaarlijk meteen gevolgd door luid gerommel. Maatje telde de tijd tussen licht en geluid en wist te vertellen dat de bui dicht bij was. Op een holletje liepen we naar de auto. Net op tijd want er schoten hoekige lichtflitsen langs de donkere lucht. Het was een beste bui. Zelfs de verkeerslichten bij de brug werkten niet meer en gelaten stonden we in de rij wachtenden. Na drie kwartier reden we, net zoals onze voorgangers, door het rode licht de brug op en daar was alles weer gelukkig gewoon. Thuis wachtte ons een verrassing: de elektriciteit was er af! We rukten de deur van de meterkast open en na enig turen vonden we een schakelaar die in de verkeerde stand stond. Even later deed alles het weer. 

De volgende morgen vroeg buurvrouw Liesbeth hoe het ons vergaan was met de onweersbui. Zelf had ze een vuurbal in haar tuin gezien en daarna bleef er een zwarte plek over. Ook hun stroom was er af. Dan denk ik altijd weer aan de voorkant van een boek uit mijn jeugd: Een bliksemschicht treft een klein mensje. Het boek heb ik nooit gelezen. Al tikkend denk ik ook aan mijn broer in Florida. Hij had op zijn zojuist gekochte oude plantage werkzaamheden laten verrichten door twee jonge mannen. Hun vrouwen belden later mijn broer: de telefoons van de mannen bleven overgaan, ze namen niet op. Mijn broer is er halsoverkop heengegaan. Beide mannen waren dood. Door de bliksem getroffen...

In mijn jeugd moesten we ons bij onweer aankleden, jassen op schoot, tassen met vluchtspullen binnen handbereik Wachten op iets wat gelukkig nooit is gekomen...

 


 

vrijdag 29 mei 2026

Dacht ik voorheen 'Ach in de provincie Groningen en de provincie Drenthe is weinig te beleven' maar door mijn frequente bezoek aan Vries heeft mijn denken inmiddels een slag om gemaakt. Wat doen ze in bovengenoemde provincies toch aardige dingen! Neem nu de Pinkstertijd, daar werd het 'Feest van de Geest' op een bijzondere manier gevierd: Op zes zaterdagmiddagen waren er 20 kerken open van 13.00 tot 17.00 uur. En dat niet alleen, in die kerken mochten kunstenaars hun creaties exposeren. Vanwege mijn val was ik alleen in de gelegenheid om de laatste zaterdagmiddag op pad te gaan. We kozen voor de Dorpskerk van Zuidlaren met werk van Bernard Divendal. Er hingen een aantal tekeningen gemaakt met grafiet op papier. Het was er druk, een kringetje bezoekers kreeg uitleg van een dame. Het werk raakte me niet zo en we zetten onze tocht voort naar Noordlaren. En kijk in de Bartholomeuskerk kwamen we aan onze trekken. Niet alleen door het werk van Tineke Demmer, maar vooral door het intieme karakter van de kerk. Het was smullen! De kunstenares had op de kerkbanken tientallen A4's gelegd waarop verschillende technieken waren te zien. Heel inspirerend! Er werd ook druk gewandeld langs dit bijzondere werk en er zullen veel bezoekers zijn aangezet deze techniek ook eens te proberen. Wat mij vooral raakte was de sfeer in deze kleine kerk. En dat begon al door de eenvoudige entree onder de toren. Maar juist die eenvoud was zo pakkend. Een orgel met engelen, eigenlijk veel te groot voor deze ruimte, de preekstoel met de liturgische ruimte, maar ook de kerktuin met enkele zeer oude familiegraven. Ik kreeg last van de rug en besloot even naar buiten te lopen om daar tegen de muur naast de ingang te leunen. Er klonk een vrolijke stem van een dame die aan de andere kant van de ingang leunde. 'Lekker hè, even in de zon.' Ik gaf aan dat ik even de rug moest ontzien waarop de dame in kwestie meelevend zei: 'Ach, wat naar. Zal ik een kopje koffie voor u halen?' Dat hoefde niet maar we raakten in gesprek. Ze bleek de koster te zijn van deze kerk en kwam met veel informatie. Aan de overzijde van de straat was 'De Hoeksteen',  een vriendelijk ogend gebouw. Daar was de kerkenraadskamer en waren de overige zalen. In gedachten zag ik de onlangs bevestigde predikant Dr. Jacobine van Gelderloos in haar witten toga de straat oversteken. Grappig is dat zij ook de predikant is van de Bonifatiuskerk in Vries; ze kan prachtig preken en schuwt rituelen niet. Jong en al afgestudeerd op 'Oude Drentse kerken'. Had ze niet net een fietstocht georganiseerd voor gemeenteleden van beide kerken? Een zeer lange sliert fietsers bewoog zich al trappend en keuvelend door de prachtige natuur van Drenthe. Eindpunt was de Bartholomeuskerk waar werd afgesloten met een liturgisch moment. We namen afscheid van de koster en van deze prachtige zeer oude kerk. Een onverwacht parel, de Geest waait waarheen hij wil...

  


  

 


 


Omdat ik geen fototoestel bij me had moest ik het doen met wat beelden van de folder. Helaas, volgende keer beter... 

woensdag 20 mei 2026

Na een doorwaakte nacht vanwege de rugpijn zakte ik toch tegen de morgen in slaap. Ik was bij de literatuurkring. Deze kring bestaat uit vijftien dames en het bruisend hart van dit alles is Elsje. Zij leidt de groep en bezit een zeer brede kennis van alles wat met onze taal te maken heeft. Universitair geschoold, wat wil je. Het bijzondere is dat ik er soms wat futloos heen ga, maar na afloop bruis ik van energie. Soms heeft ze een morgen van luisterliedjes en onlangs ging het over poezen poëzie. We begonnen met het zingen van 'De kat van ome Willem is op reis geweest', uit 'Ja zuster, nee zuster'. Het was allemaal vreemd deze keer. De kring was een keer zo groot geworden en Elsje zat op een ander plek. Ze nodigde Atie uit om mij toe te spreken bij mijn vertrek. 'Maar ik wil helemaal niet weg', riep ik, 'ik knap ontzettend op van de literatuurkring.' De tranen sprongen in mijn ogen, snel veegde ik ze weg en vroeg of ik Elsje even alleen kon spreken. 'Wat is dit nu', vroeg ik toen we op de gang stonden. 'Ja', zei Elsje 'je hebt zelf aangegeven dat je wilde stoppen'. Misschien had ik dat in een vlaag van pijn gedaan? Ik wist het niet en vroeg of er nog wat aan te doen was. Elsje zei dat al iemand anders mijn plek had ingenomen. 'Maar', zei ze troostend, 'dan ga je toch naar een andere leesgroep in het stadje aan de overzijde van de rivier.' Ik gaf aan daar niemand te kennen, maar Elsje zei resoluut 'Dan moet je even googelen.' Ze noemde zelfs een naam 'Leesgroep Angelika'. Bedrukt ging ik naar binnen, de anderen zaten inmiddels achter de koffie. Ik stamelde 'Atie heeft misschien veel werk gehad met de toespraak, ik wil het graag horen.' De toespraak sloeg nergens op, het was een hoela hoela praatje. Ik greep mijn tas, groette de anderen en door de koude winterlucht liep ik heel langzaam naar huis...

Badend in zweet werd ik wakker, het duurde wel even voor ik begreep dat het een droom was geweest. De opluchting was enorm. Er was niets aan de hand. De literatuurkring van vijftien dames onder aanvoering van Elsje was ongewijzigd en ik maakte daar deel van uit... 

 

 


maandag 11 mei 2026


Beste lezers, door een val in de badkamer liep ik een flinke kneuzing op aan de rug. De wereld bestond alleen nog maar uit pijn! Hoe breekbaar is een mens? En hoe dankbaar moet een mens zijn als zijn gezondheid goed is? Die vraag stel ik me regelmatig. Ondertussen zit ik nu op twee maal per dag pijn bestrijding. We gaan dus zachtjes vooruit. Tijdens het liggen op de bank komen vragen en gedachten in wisselend tempo op. Dat gaat van alle oorlogen en geweld in de wereld naar levensvragen. Zo hoorde ik onlangs het kleine zinnetje 'Waar gaan we heen?' Dat zinnetje hield me bezig. Zoeken we voor de wandeling een bestemming? Of hebben we op de fiets een doel? Niets verkeerd aan die zin. Vervang nu het woordje 'het' door het woord 'dat', dan komt er opeens een lading aan ogenschijnlijk onschuldige woorden. 'Waar gaat dat heen?' Ik denk dan aan de oorlogen, aan de tientallen jonge levens die pardoes worden stopgezet. Ik denk aan mensen die van het eenvoudige kwaad de grenzen steeds meer verleggen en uiteindelijk in de gevangenis komen. Ik denk aan mensen die alle kansen hebben en het wel goed vinden en niets uitvoeren. Zo zijn er meer voorbeelden te bedenken. Ik denk ook aan de allernieuwste ontwikkeling op het gebied van techniek in de ruimste zin. Robots hier, robots daar. Waar is dan dat menselijk oor, waar is dan dat menselijk oog of die warme bemoedigende klop op de schouder. Ik kijk met zorg naar de toekomst van onze kinderen en kleinkinderen. Naar de toekomst van zoveel hulpbehoevenden en ik weet geen antwoord. Misschien blokkeert de pijn mijn denken. En dat allemaal door het vervangen van het woordje 'het' in het woordje 'dat'... 

 

zondag 26 april 2026

We beginnen de wandeling op deze zonloze morgen in een wereld van het eerste tere voorjaarsgroen, de stilte wordt slechts onderbroken door vogelgeluiden. Aan het begin van de oprijlaan staat links het huisje van de terreinbeheerder en rechts een 'Hans-en-Grietje huisje' met luikjes in rood en wit, de kleuren van het landgoed. Halverwege de laan passeert ons een groepje joggers, in de verte lopen meisjes met een hond. Tussen de bloeiende en aangenaam geurende heesters volgen we het pad, staan dan opeens voor de ingang van de Japanse tuin. Op een bord staat: 'Tuin is kwetsbaar, blijf daarom op de paden. Lantaarns en sierelementen niet aanraken. Geen bloemen plukken e.d. Tijdelijke sluiting bij slecht weer en te groot aantal bezoekers.' Haast eerbiedig wandelen we rond in dit kleine paradijs waar de oosterse sfeer ons als een spirituele deken omhult. Een meanderend watertje, dat meekleurt met de bloeiende planten op de steile oevers, bijzondere bomen geven verrassende accenten. Aarzelend zonlicht probeert ons te vangen. De tuin meet 6800 vierkante meter en is de grootste in dit soort in ons land en slechts twee maal per jaar open. Daarbij mag ze zich rijksmonument weten. Maar ook de verder gelegen Oud-Hollandse tuin is een plaatje met prachtige bloeiende perkplanten, fraai bewerkte bordestrappen, een wonderlijke brug en beelden. Een yogagroep is net bezig met een moeilijk onderdeel van de zonnegroet. Vanuit de Oud-Hollandse tuin wandelen we naar het statige Huys Clingendael met de aangrenzende vijver. Rond het schitterende watervlak bloeit een krans van paarse en witte bloemen, in de verte schemert een wit bruggetje. De zon laat nu haar stralen voluit glijden over deze verstilde schoonheid. Parel in dit alles is echter de Japanse tuin...

 


 






Schoonheid, niet in woorden te vatten...


dinsdag 21 april 2026

Vanaf de overzijde van de straat komt een stem: 'Het is zaterdag, u kunt de auto kosteloos parkeren!' Een vriendelijke dame met hond wijst naar de parkeermeter. We staan bij de ingang van landgoed Clingendael voor een inspirerende wandeling. Het landgoed is eigendom van de gemeente Den Haag, maar ligt in Wassenaar. Sinds 1982 zetelt het Nederlands Instituut voor Internationale Betrekkingen in Huys Clingendael. In de 16e eeuw stond in het gebied van de dinge (duinvallei) een boerderij, die later werd afgebroken. Op die plek verrees Huys Clingendael. Adellijke families wisselden elkaar door de jaren heen af. In 1804 kwam het landgoed in handen van Baron van Brienen van de Groote Lindt. Hij koos voor een Engelse landschapstuin. Barones Marguérite van Brienen (1871 - 1939) woonde er tot haar overlijden. Macaber is dat tijdens de Tweede Wereldoorlog rijkscommissaris Seys-Inquart in Huys Clingendael neerstreek. Hij liet alle grafstenen op het hondenkerkhof, ooit aangelegd door barones Marguérite, plat leggen uit angst dat er scherpschutters achter zouden zitten.. Deze Marguérite, door de Hagenaars liefkozend freule Daisy genoemd, was een kleurige vogel. Ze hield van reizen en was onder de indruk van de Japanse tuinen. Uit Japan nam ze lantaarns, een waterval en bruggetjes mee, zo ontstond de Japanse tuin op het statige landgoed. In 1953 werden tuinen en park verkocht aan de gemeente Den Haag en werd het landgoed opengesteld voor publiek.

(wordt vervolgd) 

 


 





Sprookjesachtige beelden...


donderdag 16 april 2026

Lang heb ik zitten kijken naar onderstaande foto in Trouw met als onderschrift: 'Kin omhoog, mond open en doorslikken. Deze schoolmeisjes in Pesjawar, in Pakistan, staan in de rij voor druppels die ze moeten beschermen tegen polio. Pakistan is een van de laatste landen ter wereld waar ze de ziekte nog niet onder controle hebben. Een grootschalige vaccinatiecampagne moet daar een einde aan maken.'

Achteraf begon die belangstelling voor foto's waarop mensen tijdens bezigheden worden gefotografeerd bij een expositie in Luxemburg, in het kasteel van Vianden. Mensen vol concentratie bij de dagelijkse dingen en zo leek het, onwetend van de fotograaf. Met moeite kon ik me er destijds van los maken en mijn lief troostte dat er mogelijk wel een boek van te koop zou zijn. Nee dus, maar mijn liefde voor deze foto's was gewekt. Er valt veel op te zien en bij lang kijken zie je soms de mensen bewegen. Ik droomde van het fotograferen van mensen die hun hond uitlieten en onbewust iets vertelden over de band met hun dier. Mens en hond op de rug fotograferen werden missers en als ik vroeg of ik iemand met zijn dier mocht fotograferen, gingen ze heel houterig poseren. Dan maar een andere categorie: huisschilders hoog op de ladder intensief bezig, dirigenten tijdens hun werk of een klas met de leerkracht voorop. Mijn collega's dachten mee: mensen met een hoed op, kerkwaarts op de zondagmorgen. Er werd zelfs aan een plekje gedacht achter geboomte. Dat werd me te gortig en wuifde lachend het voorstel weg. Het slot van deze diepe wens kwam onverwacht en verpletterend toen ik foto's moest maken voor Christelijk Weekblad van winkelend publiek. Mijn leraar Engelse conversatieles dook onverwacht op tussen al die kooplustigen en riep verheugd: 'Kijk daar hebben we Aly, ze is nu straatfotograaf geworden.' Daarmee was mijn droom voorgoed ten einde...

Terug naar de foto. Ik zie drie meisjes en terugblikkend zie ik mezelf op de lagere school met twee vriendinnetjes. Ben ik het eerste meisje of ben ik het tweede meisje. Ik weet het niet. Wat ik wel weet is dat één van de twee mijn hartsvriendin Henny is of beter was. Ze leeft niet meer en ik mis haar nog dagelijks. Het derde meisje is verbluffend goed weergegeven. Ze wilde altijd mooi op de foto en zo is het gebleven ook...

Zo zie je maar wat een foto kan losmaken...  


 

maandag 13 april 2026

Trouw meldt op 13 april 2026: 

Victor Orbán, zestien jaar premier van Hongarije stapt op. De nieuwe premier Péter Magyar belooft een omwenteling en nauwe banden met de Europese Unie. Grote opluchting bij leiders Europese landen.

President Trump haalt schandelijk uit naar de paus. Deze is niet voornemens zijn mond te houden over de oorlog in het Midden-Oosten. Hij is niet bang voor de regering Trump. Hoe komt dit over op vice-president Vance en minister van Buitenlandse Zaken Rubio. Beiden zijn rooms-katholiek. 

Sonja Barend overleden op 86-jarige leeftijd. Ze was de koningin van de talkshow en ontketende een revolutie op de tv. Ik adoreerde haar. Vooral haar manier van interviewen vond ik geweldig en heb daar later veel aan gehad in gesprekken met kloosterlingen en predikanten. 

Maanmissie Artemis II geslaagd. Meerdere records werden gebroken: voor het eerst een kleurling die om de maan vloog. De eerste vrouw nam deel aan deze ruimtereis. Dan was er voor het eerst ook een niet Amerikaan bij aanwezig. Amerikaan Reid Wiseman was de commandant van deze vierkoppige maanmissie.Tijdens deze vlucht fotografeerden de astronauten de achterkant van de maan uitgebreid, vlogen ze langs de achterkant, waren ze getuige van een zonsverduistering en meteorietinslagen op het maanoppervlak. Na een reis van tien dagen plonsden ze veilig in de Stille Oceaan. Het plan is om in 2028 op de maan te landen en dan te beginnen met de bouw van een basis. 

De lancering vond plaats op het Kennedy Space Center. Inmiddels heeft Trump zijn naam brutaalweg voor die van oud-president Kennedy laten zetten. Ik ben twee keer in dat centrum geweest en het kwam op mij over als was ik beland op een ander hemellichaam en de aarde voorgoed had verlaten. Tussen ingewikkelde machines, astronautenkleding, maanvoertuigen heb ik rondgedwaald. Lang heb ik gekeken naar een plaquette van eerdere ruimtevaarders. En toen we na een dag dwalen tussen al die ingewikkelde technische en haast spookachtige machines en apparatuur weer buiten stonden, was ik zielsgelukkig de zon te voelen en de gewone prietpraat weer om me heen te horen. Laat mij maar lekker op moedertje Aarde blijven... 

 


 


 




Foto's gemaakt in het Kennedy Space Center in Orlando (Florida)
  

donderdag 9 april 2026

Op zeven april 2026 ging de wereld slapen na de zoveelste onheilsboodschap van Trump. En nu kon het wel eens raak zijn, dacht ik, dachten de meeste mensen. Om twee uur Nederlandse tijd, de eerste uren van acht april zou het afgelopen zijn met een beschaafd volk. Dood! Alle infrastructuur zou er aan moeten geloven. Zo raar, op het aangegeven uur werd ik wakker, ik rilde en besloot me gewoon om te draaien en de slaap weer toe te laten. Maar vroeg in de morgen, zie daar, er was een soort staakt het vuren afgesproken voor de komende veertien dagen. Bovendien zou de Straat van Hormuz weer open zijn zodat de vele, vele schepen hun reizen konden vervolgen. De gasprijs vloog omlaag, de benzine deed het bescheidener aan, maar op den duur zal deze het voorbeeld volgen. Diverse landen reageerden opgelucht. Israël leek mee te doen, maar koelde ondertussen de woede in hevige mate op Libanon. De V.S. en Iran kraaiden om het hardst dat ze de oorlog hadden gewonnen. En Poetin lachte, lachte zich slap in zijn gouden kooi en werd rijker en rijker. Om wat bij mezelf te komen wandelde ik de tuin in. Niets kalmeert zo als de natuur. En die was op dit moment prachtig en veelbelovend. Blauwe druifjes in combinatie met speenkruid; was iets mooiers denkbaar? De bejaarde pruimenboom bloeide toch weer opnieuw en leek tot leven te komen. Feestelijk pronkte de krentenboom. Maar het mooist was toch wel mijn gazon waar pinksterbloemen bezit van hadden genomen. Begon het twee jaar geleden met een paar bloemen, het jaar daarop waren er meer. En nu? Ineens, al was het een invasie die bezit nam van mijn tuin. Fraai speelde het late zonlicht over de zachte lila wolk. Ik hoorde toepasselijke muziek van Gustav Holt uit The Planets en keek naar de vogels en een paar eenden in de sloot. Wolken dreven over, onbeschrijfelijk mooi. De aarde was de mensheid toevertrouwd en wat deden die mensen, wat doen die mensen, ze putten de aarde uit, plunderen de natuur en voeren oorlogen met elkaar. Doden, doden, doden. Als de hel bestaat, dan is er nauwelijks nog plaats voor al die slechteriken die alles aan elkaar liegen, die monsters met die grote ego's. Dan toch denk ik aan woorden van Etty Hillesum 'De zachte krachten zullen overwinnen'. Ik wandelde naar binnen, vouwde de krant van die dag op en liet die opgelucht in de container vallen. En het journaal zag ik die avond niet meer...  


 

 

woensdag 1 april 2026

Soms kan een Stille Week drukker zijn dan ooit omdat er allerlei zaken moeten worden geregeld. Dan is het goed om een wandeling te maken, liefst in de vrije natuur om alle drukte te verbannen. Even met jezelf op stap en vooral niet denken aan de wereld die op het randje van de Derde Wereldoorlog balanceert. Meestal doe ik dan een rondje Trekvaart, hoewel dat toch niet helemaal juist is. Het eerste deel van mijn wandeling voert door rustige bebouwing waar ook tussendoor weilanden lijken te gluren. Het tweede deel gaat over het brede betonnen fietspad langs een autoweg. Hier is het drukker, maar ook nu zijn er weilanden zichtbaar. Het derde en laatste deel loopt langs de Trekvaart en daar neem ik u, beste lezer, graag even in mee. Het begint bij de brug, het punt waar je kunt afslaan naar de vaart. Het is meteen raak: op deze zonnige maartmorgen spiegelen zich enkele nieuwe huizen in het vrijwel stilstaande water en lijken een wedstrijdje te doen: wie van ons is het mooiste? Het is nog niet zo lang geleden dat dit gebied weiland was, dat ik vier fiere zwarte paarden fotografeerde en de foto op de cover van Christelijk Weekblad verscheen. Op dat moment leek dit stukje paradijs tijdloos te blijven bestaan, maar nee, een aannemer met geld zag kansen. Al wandelend komt het witte bruggetje in zicht dat toegang geeft tot een nieuw deel van ons dorp. Maar ook die brug lijkt een wedstrijd te doen, wel met zichzelf. Dat kan: geen winnaars, geen verliezers. Al mijmerend zie ik in de verte het treintje voorbij rijden. De hele dag door in een rit van hooguit 10 minuten; heen en weer. Vaag zie ik de contouren van de toren aan de overzijde van de IJssel. Mijn grootmoeder, naar wie ik genoemd ben, had hier graag willen wonen. Ze kwam uit de nabij gelegen polder, trouwde met mijn opa en verhuisde naar elders. En nu loop ik hier en denk aan haar. In het water zijn twee zwanen ondergedoken op zoek naar voedsel. Het lijken twee zeilbootjes. De kievit laat zich horen, maar ook een rij ganzen trekt gakkend over. En aan de waterkant zie ik voor het eerst dotters in nog prille groei. Ik ken de plekken en fotografeer ze ieder jaar weer! Even duik ik de berm in voor een passerende auto. Alleen mensen die aan deze weg wonen hebben verlof hier te rijden. Stilte. Een gehaaste wandelaar met een hond. Meestal praat ik even, nu niet, de stilte toelaten en genieten van de hooiberg aan de andere kant van de weg. Feest der herkenning, ook wij hadden op de boerderij zo'n hooiberg. De stilte lijkt zich nu te vermengen met andere geluiden. De brug naar een oudere wijk komt in zicht, met weer die mooie spiegeling. Grappig hoe fietsers lichtjes gebogen zich over de brug haasten richting stadje. Werk wacht, school wacht. Mijn hoofd is tot rust gekomen, hernieuwde energie komt boven. Even zet ik het wereldgebeuren opzij en bereid me voor op het vervolg van de Stille Week. Altijd weer de opmaat naar het blijde Pasen vol beloften. En mocht u, beste lezer, ook het gevoel hebben dat u dreigt vast te lopen vanwege alles wat moet en vanwege die griezelige wereld, doe als ik en zoek de natuur. Ik wens u alle goeds...